Kort antwoord: Een kangoeroe verlaat zijn buidel voor het eerst na ongeveer 6 tot 11 maanden, afhankelijk van de soort. De rode kangoeroe doet dat al rond 6 maanden, de grijze reuzenkangoeroe pas rond 8 tot 11 maanden. Daarna keert de joey nog regelmatig terug naar de buidel om te drinken, totdat hij op een leeftijd van 8 tot 18 maanden volledig zelfstandig is.
Kangoeroes horen tot de buideldieren, en de buidel is niet zomaar een handige zak: het is een volledig biologisch systeem dat een extreem vroeggeboren jong groot brengt. Een pasgeboren joey is nauwelijks zo groot als een druif en volledig blind. Dat een dergelijk minuscuul wezentje na maanden uitgroeit tot een springende kangoeroe van honderden kilo’s begint in die buidel.
De geboorte: kleiner dan je denkt
Na een draagtijd van slechts 30 tot 36 dagen worden kangoeroes geboren in een staat die bij de meeste andere zoogdieren ondenkbaar is. De pasgeboren joey weegt minder dan 1 gram en is zo’n 2 tot 3 centimeter lang. Ter vergelijking: een pasgeboren mens weegt gemiddeld 3.400 gram. Het verschil is enorm.
Toch is de joey op dit punt niet hulpeloos. De voorpootjes en neus zijn al redelijk ontwikkeld, want de baby heeft een taak te volbrengen: hij kruipt via de buik van de moeder van het geboortekanaal omhoog naar de buidel. Die tocht duurt slechts 3 tot 5 minuten, maar is biologisch gezien een van de meest opmerkelijke momenten in het dierenrijk. De moeder likt een nat pad in haar vacht, maar helpt het jong verder niet. De joey kiest zelfstandig de weg naar boven.
Eenmaal in de buidel hecht de joey zich vast aan een van de vier spenen. De speen zwelt dan op in zijn mond, zodat hij er niet meer af kan glijden. Dat is maar goed ook, want in de eerste weken is hij te zwak om zich vast te houden.
Wat er in de buidel gebeurt: maand voor maand
De buidel van een kangoeroe is geen passieve ruimte. Het is een actief biologisch systeem met meerdere spenen die tegelijk verschillende soorten melk kunnen produceren, afgestemd op de leeftijd van het jong. Zo kan een moeder ook een ouder jong dat de buidel al heeft verlaten nog bijvoeden via een andere speen dan het pasgeboren jong in de buidel.
De ontwikkeling van de joey verloopt in duidelijke fasen:
| Leeftijd (maanden) | Wat er gebeurt | Grootte |
|---|---|---|
| 0-1 | Vastgehecht aan speen, sluipt, ogen gesloten | 1-5 gram |
| 1-3 | Oren beginnen te vormen, huid kleurt | 5-50 gram |
| 3-4 | Haartjes groeien, ogen openen zich langzaam | 50-300 gram |
| 4-5 | Joey beweegt actief in de buidel, hoort en ziet | 300-600 gram |
| 5-7 | Eerste korte uitstapjes buiten de buidel (rode kangoeroe) | 600-2000 gram |
| 8-11 | Definitief verlaten van de buidel (soortafhankelijk) | 2-5 kg |
| 12-18 | Volledige speenperiode voorbij, zelfstandig | 5-15 kg |
De buidel houdt de joey op een constante temperatuur van ongeveer 30 tot 32 graden Celsius. Het is letterlijk een externe baarmoeder die de taak overneemt die bij andere zoogdieren nog maanden in de buik van de moeder plaatsvindt.
Wanneer verlaat de joey de buidel: per soort
Het antwoord op de vraag hoe lang een kangoeroe in de buidel zit, verschilt sterk per soort. Er zijn zo’n 45 soorten kangoeroes en wallaby’s, maar de bekendste zijn de rode kangoeroe, de oostelijke grijze kangoeroe en de westelijke grijze kangoeroe. Elk heeft een eigen tijdlijn.
Rode kangoeroe (Macropus rufus): Dit is de grootste kangoeroe en ook de soort die het vroegst de buidel verlaat. Na zo’n 6 maanden maakt de joey korte uitstapjes. Rond 8 tot 9 maanden verlaat hij de buidel definitief. De speenperiode loopt door tot ongeveer 12 maanden. Rode kangoeroes leven in droge gebieden en passen hun voortplanting aan de regenval aan: ze fokken bij voorkeur in het natte seizoen, zodat de joey voedsel vindt als hij zelfstandig wordt.
Oostelijke grijze kangoeroe (Macropus giganteus): Deze soort verlaat de buidel voor het eerst pas rond 8 tot 10 maanden. Definitief verlaten duurt tot 11 maanden. De speenperiode is ook langer: tot wel 18 maanden. De joey leeft daarna nog dicht bij de moeder.
Westelijke grijze kangoeroe (Macropus fuliginosus): Een vergelijkbare tijdlijn als de oostelijke grijze soort. De joey verlaat de buidel rond 9 tot 10 maanden definitief en wordt gespeend rond 15 tot 18 maanden.
Wallaby’s: Kleinere soorten als de tammar-wallaby verlaten de buidel al na 6 tot 7 maanden, maar wegen op dat moment slechts 1 tot 2 kilogram.
Als je geinteresseerd bent in andere bijzondere dieren, is het ook de moeite waard om te lezen wat een vogelbekdier zo bijzonder maakt, want ook dat is een Australisch zoogdier met heel aparte voortplantingskenmerken.
Het terugkeren naar de buidel: niet definitief in een keer
Veel mensen denken dat het verlaten van de buidel een eenmalige, definitieve stap is. Dat is niet zo. De overgang verloopt geleidelijk en kan weken tot maanden duren. In de periode dat de joey zijn eerste uitstapjes maakt, is hij nog volledig afhankelijk van de buidel als veilige thuisbasis.
Bij gevaar springt de joey razendsnel terug in de buidel, soms al als hij bijna even groot is als de buidel zelf. Dat levert grappige beelden op: een flinke joey die kopje over in de buidel duikt terwijl zijn benen er nog half uitsteken. De moeder maakt dat soort instapmomenten gemakkelijker door de buidelrand te wijden.
Gedurende die overgangsperiode drinkt de joey nog melk via de speen in de buidel, maar eet hij ook al gras en andere planten. Zijn maagdarmstelsel past zich aan van melkdieet naar plantaardig voedsel, wat een aantal weken vergt. De samenstelling van de moedermelk verandert mee: naarmate de joey ouder wordt, bevat de melk meer vetten en minder suikers.
Wil je meer weten over dierlijk sociaal gedrag en overleving? Lees ook over hoe stokstaartjes zich beschermen via sociale structuren.
De buidel als uniek systeem: meerdere jongen tegelijk
Een van de meest opmerkelijke eigenschappen van kangoeroes is dat de moeder soms drie jongen tegelijk verzorgt in verschillende stadia. Dat klinkt onmogelijk, maar het werkt als volgt:
- Een embryo in de baarmoeder dat in diapauze is (tijdelijk stilgezet), wachtend op het moment dat de buidel vrij is.
- Een joey in de buidel die nog vastzit aan de speen en volledig afhankelijk is van melk.
- Een ouder jong buiten de buidel dat nog komt drinken via een andere speen.
- Elke speen produceert daarbij een andere melksamenstelling, afgestemd op de behoeften van het bijbehorende jong.
- Als de joey in de buidel overlijdt of de buidel verlaat, start het embryo in de baarmoeder opnieuw met groeien.
- Dit mechanisme heet embryonale diapauze en is een aanpassing aan droge omstandigheden in Australie.
- In droogteperiodes kan de moeder de diapauze verlengen totdat er genoeg voedsel is om een jong groot te brengen.
Dit systeem maakt kangoeroes tot een van de meest geavanceerde zoogdieren als het gaat om reproductieve flexibiliteit. Er is geen andere grote zoogdiergroep die zo goed omgaat met onzekere omstandigheden.
Vergelijking met andere buideldieren
De kangoeroe is niet het enige buideldier, maar wel het meest bekende. Andere buideldieren als de koala, het vogelbekdier (strikt genomen een ei-leggend zoogdier, geen buideldier) en de opossum hebben allemaal hun eigen buidel-tijdlijn. Een vergelijking geeft context aan de cijfers van de kangoeroe.
Lees ook meer over wat een koala de hele dag eet, want de buidelperiode van een koala kent ook een bijzonder element: de moeder voert haar jong na de melkfase een speciale uitwerpselvorm om het maagdarmstelsel voor te bereiden op eucalyptus.
| Buideldier | Draagtijd (dagen) | Tijd in buidel | Speenleeftijd |
|---|---|---|---|
| Rode kangoeroe | 30-33 | 8-9 maanden | 12 maanden |
| Oostelijke grijze kangoeroe | 36 | 10-11 maanden | 18 maanden |
| Koala | 35 | 6-7 maanden | 12 maanden |
| Opossum (Virginia) | 13 | 2-3 maanden | 4-5 maanden |
| Tammar-wallaby | 28-29 | 6-7 maanden | 12 maanden |
Wat opvalt: de draagtijd is bij alle buideldieren kort, maar de tijd in de buidel varieert sterk. Grotere soorten zitten langer in de buidel en worden ook later gespeend. Dat patroon loopt parallel aan wat bij placenta-zoogdieren de draagtijd doet: groter dier, langere ontwikkeling.
Het verschil met een koala is interessant. De koala verlaat de buidel na zo’n 6 tot 7 maanden, maar is daarna nog maanden op de rug van de moeder te vinden. Bij kangoeroes bestaat dat rugfase niet: de joey loopt zelfstandig naast de moeder.
Gevaren voor de joey buiten de buidel
De periode rondom het verlaten van de buidel is gevaarlijk. De joey is dan kwetsbaar voor roofdieren als de dingo, de wilde hond van Australie, maar ook voor roofvogels en op sommige plaatsen vossen (ingevoerd door Europeanen in de 19e eeuw). De moeder beschermt haar jong actief: ze slaat met haar achterpoten als een dingo te dichtbij komt en brengt haar jong met harde kloppende geluiden naar een veilige plek.
In de dierentuin loopt dat risico vrijwel weg, maar ook daar ziet men dat jonge joey’s die net buiten de buidel zijn zeer dicht bij de moeder blijven en bij schrikreacties direct proberen terug te kruipen. Dat is geen aangeleerd gedrag: het is instinct.
Kangoeroes zijn sociale dieren die in groepen leven, zogenaamde “mobs”. Die groepsstructuur biedt ook bescherming voor de joey. Meerdere vrouwtjes letten op elkaars jongen, en de aanwezigheid van een groep maakt het moeilijker voor een roofdier om ongemerkt een jong te pakken.
Wil je meer lezen over hoe dieren samenwerken voor bescherming? Bekijk dan ook hoe communicatie daarin een rol speelt, zoals bij hoe wolven communiceren via geur en geluid.
Wat gebeurt er als een joey te vroeg de buidel verlaat
In het wild kan een joey door schrik, een val of een ongeluk voortijdig uit de buidel belanden. Dat is levensgevaarlijk. Buiten de buidel is een te jonge joey niet in staat zijn lichaamstemperatuur te regelen, raakt hij snel onderkoeld en verhongert hij zonder de constante toevoer van moedermelk.
Wildopvangcentra in Australie redden elk jaar honderden joey’s die te vroeg hun moeder verliezen, vaak bij auto-ongelukken waarbij de moeder overlijdt terwijl de joey nog in haar buidel zit. De opvang is intensief: de joey moet in een kunstmatige buidel van fleece of wol worden gehouden, op lichaamstemperatuur, en elke 2 tot 4 uur worden gevoerd met speciale kangoeroemelk. Gewone koemelk is giftig voor kangoeroes.
Het grootbrengen van een wees-joey duurt maanden en vereist een gespecialiseerde aanpak. Pas als de joey oud genoeg is om zelfstandig gras te eten en zijn eigen temperatuur te regelen, kan hij worden teruggeplaatst in de natuur of in een grotere opvanggroep.
Bijzondere dieren kennen bijzondere aanpassingen. Net als de kangoeroe heeft ook de veelvraat opvallende overlevingsstrategieen. Lees meer over wat een veelvraat is en wat het zo bijzonder maakt.
Veelgestelde vragen
Hoe lang zit een kangoeroe precies in de buidel?
Dat verschilt per soort. De rode kangoeroe verlaat de buidel definitief na 8 tot 9 maanden. De oostelijke grijze kangoeroe doet er 10 tot 11 maanden over. Daarna drinkt het jong nog steeds moedermelk via de buidelspeen, maar leeft het buiten. De volledige speenperiode loopt tot 12 tot 18 maanden, afhankelijk van de soort.
Kan een kangoeroe-joey terugkeren naar de buidel nadat hij eruit is gekomen?
Ja, en dat gebeurt regelmatig. Zolang de joey klein genoeg is om in de buidel te passen en de moeder hem toelaat, kruipt hij bij gevaar of kou terug in de buidel. Pas als hij fysiek te groot is of definitief gespeend wordt, stopt de moeder met dit toe te laten. Soms is de joey al bijna even groot als de buidelrand, maar wurmt hij er toch nog in.
Wat eet de joey in de buidel?
In de eerste maanden uitsluitend moedermelk, rechtstreeks via de speen. Naarmate hij ouder wordt, verandert de samenstelling van de melk: minder lactose, meer vet en eiwitten. Pas als de joey de buidel regelmatig verlaat, begint hij voorzichtig gras en planten te proberen. Zijn spijsverteringsstelsel past zich geleidelijk aan op een plantaardig dieet.
Hoe groot is een kangoeroe-joey bij de geboorte?
Een pasgeboren joey is extreem klein. Bij de rode kangoeroe weegt een pasgeboren jong minder dan 1 gram en is hij ongeveer 2 centimeter lang. Dat staat tegenover een volwassen rode kangoeroe die 50 tot 90 kilogram kan wegen en 1,5 meter hoog kan staan. De groeifactor van geboorte tot volwassenheid is bij de kangoeroe een van de grootste van alle zoogdieren.
Hebben alle kangoeroes een buidel?
Nee: alleen de vrouwtjes hebben een buidel. Mannelijke kangoeroes zijn buidelloos. De buidel is uitsluitend voor de opvang en voeding van het jong. Mannelijke kangoeroes (bucks of boomers) nemen geen deel aan de opvoeding en leven in aparte sociale structuren binnen de groep. De mannetjes zijn bij de rode kangoeroe ook aanzienlijk groter dan de vrouwtjes.
Wat betekent het als een kangoeroe zijn jong uit de buidel gooit?
Dat klinkt wreed, maar het is een overlevingsstrategie. Als een predator in aantocht is, kan een moeder haar jong uit de buidel gooien zodat ze zelf snel kan vluchten. De joey heeft dan een kleine kans te overleven in de struiken, terwijl de moeder haar leven redt en later opnieuw kan voortplanten. Het is een harde maar biologisch logische afweging die vaker voorkomt bij grote roofdieren als de dingo. De moeder keert soms terug als het gevaar geweken is.










