Ja, katten waren in het oude Egypte heilig. Maar dat heilige karakter ontwikkelde zich geleidelijk over duizenden jaren. Van nuttige rattenvangers evolueerden ze tot beschermde dieren die nauw verbonden waren met goden, en uiteindelijk tot dieren waarvan het doden letterlijk met de dood bestraft werd.
De kat was niet zomaar een huisdier. De Egyptenaren zagen in het dier iets goddelijks. Die overtuiging had grote praktische, religieuze en sociale gevolgen. Om te begrijpen waarom, is het nodig om de verschillende fasen van die relatie apart te bekijken.
Fase 1: de nuttige jager (circa 10.000-3000 v.Chr.)
Het begon allemaal met graan. Zodra de Egyptenaren op grote schaal aan landbouw deden en graanschuren aanlegden, kwamen er muizen en ratten op af. De wilde Afrikaanse kat (Felis lybica) volgde het ongedierte, en de mensen lieten dat toe. Ze profiteerden er immers van.
In de vroegste fase was de kat dus geen huisdier in de moderne zin, maar een gedulde meelifter op de nederzetting. Hoe dicht de relatie al vroeg was, blijkt uit een bijzondere opgraving bij Hierakonpolis in Opper-Egypte. Archeologen vonden er voorhistorische graven uit ongeveer 3800-3600 v.Chr. In een van die graven lag een jungle-kat met genezen botbreuken. Genezen breuken betekenen verzorging: iemand had voor dat dier gezorgd. Naast dit graf bevonden zich nog zes katten in een aparte put: een mannetje, een vrouwtje en vier kittens, zorgvuldig begraven.
Dit toont aan dat katten al bijna 6.000 jaar geleden bewust door mensen werden gehouden in Egypte, veel eerder dan onderzoekers lang dachten. De grens tussen wild en tam was op dat moment nog dun. Toch begon er al een speciale band te groeien.
Wat de kat aantrekkelijk maakte: ze bestreden niet alleen muizen en ratten, maar ook slangen. In een land waar slangenbeten regelmatig dodelijk waren, was een dier dat slangen aanviel bijna vanzelfsprekend bijzonder. Die beschermende eigenschap werd later ook in religieuze verhalen verwerkt.
Fase 2: de kat in religie en mythologie (Eerste Dynastie tot Nieuw Rijk)
De eerste katachtige godin die in Egyptische teksten verschijnt, is Mafdet. Ze duikt op in de Eerste Dynastie (circa 3150-2890 v.Chr.) als beschermgodin en symbool van gerechtigheid. Mafdet had een katachtige of soms mangust-achtige gedaante en werd gezien als verdelger van slangen en schorpioenen. Ze bewaakte de farao en de heilige plaatsen.
De bekendste kattengodin is Bastet. Ze was een dochter van Ra, de zonnegod, en werd in de vroegste afbeeldingen als een leeuw- of pantherdier weergegeven. Later, ruwweg vanaf het Middenrijk (2055-1650 v.Chr.), werd ze steeds meer afgebeeld als een tamme huiskat of als een vrouw met een kattenkop. Haar karakter veranderde mee: van een soms gevaarlijke, oorlogszuchtige godin naar een beschermer van huis, gezin, muziek, dans en vruchtbaarheid.
Haar cultusstad was Bubastis, het huidige Tell Basta in de Nijldelta. De Griekse geschiedschrijver Herodotus bezocht Bubastis in de vijfde eeuw v.Chr. en beschreef het jaarlijkse feest ter ere van Bastet als het grootste en vrolijkste feest van heel Egypte. Duizenden pelgrims kwamen er samen, er werd gedanst en gezongen, en de consumptie van wijn was er spectaculair.
Naast Bastet speelde de kat ook een rol in de mythe van Ra en de slang Apophis. ’s Nachts, als Ra als grote kater door de onderwereld reisde, versloeg hij de slang Apophis. Afbeeldingen van een kat die een slang doorhakt zijn dan ook veelvuldig terug te vinden in Egyptische graven en op papyrus. De kat stond zo symbool voor het overwinnende licht over het duister.
Voor meer over de symboliek van de Egyptische mythologie, zie ook wat hiërogliefen zijn en waarom ze belangrijk zijn: de schrifttekens waarmee al deze verhalen werden vastgelegd.
Fase 3: de kat als beschermd huisdier (Nieuw Rijk, circa 1550-1070 v.Chr.)
Tijdens het Nieuw Rijk werden katten pas echt populaire huisdieren voor de hogere klassen. Ze verschijnen op grafschilderingen naast hun eigenaren, vaak onder de stoel of op schoot. Sommige graven bevatten beeldjes en sieraden van katten, wat de gehechtheid aan deze dieren laat zien.
Ook de wetgeving begon het dier te beschermen. Het moedwillig doden van een kat was verboden en strafbaar met de dood. Dit klinkt extreem, maar de logica is helder: de kat was heilig, verbonden met de goden, en wie haar doodde, beledigde het goddelijke zelf.
De Griekse schrijver Diodorus Siculus, actief rond 60-30 v.Chr., beschreef een incident waarbij een Romein per ongeluk een kat had gedood. Ondanks pogingen van Egyptische functionarissen om de man te beschermen uit vrees voor Romeinse represailles, werd hij door een woedende menigte gelyncht. Zelfs het aanzien van Rome kon de kat niet redden van de volkswoede.
Export van katten was eveneens strikt verboden. Egypte behandelde de kat als een nationale hulpbron, bijna zoals een staatsgeheim. Als katten toch naar het buitenland waren gesmokkeld, stuurde Egypte soms speciaal agenten om ze terug te halen. Dat dit nodig was, suggereert dat de vraag buiten Egypte groot was.
Gewone beroepen in het oude Egypte stonden in nauw contact met het dagelijks leven van deze dieren. Lees meer over wat voor beroepen gewone Egyptenaren hadden: van graanopslagers tot priesters en ambachtslieden.
Fase 4: de dodencultus en massale kattenmummies (Late Periode en Ptolemaeëntijd)
De meest bizarre en tegenstrijdige fase in de verering van de kat begon in de Late Periode (664-332 v.Chr.) en bereikte zijn hoogtepunt onder de Ptolemaeën (332-30 v.Chr.). Juist in de tijd dat katten heilig waren, werden ze op grote schaal gefokt en gedood om als offergave te dienen.
Bij tempels van Bastet werden heuse fokkerijen opgericht: catteries in de moderne betekenis van het woord. Kittens van twee tot zes maanden werden gekweekt, ritueel gedood en ingewikkeld als mummies. Pelgrims kochten die mummies als offer aan de godin, vergelijkbaar met kaarsen of bloemen in een kerk. Miljoenen kattenmummies zijn teruggevonden in Egypte, de grootste concentraties bij Bubastis en de Bubasteion-necropool bij Saqqara.
In de negentiende en vroege twintigste eeuw werden grote hoeveelheden kattenmummies per schip naar Europa verscheept om als meststof te worden vermalen. Pas later beseften mensen welke archeologische schat daarmee verloren was gegaan.
Röntgenonderzoek en CT-scans van bewaard gebleven mummies hebben laten zien hoe de dieren stierven: door een gebroken nek of door kneuzing van de schedel. Het was een snelle, rituele dood. Sommige mummies bevatten echter geen kat maar zand, hout of stukken andere dieren, waaruit blijkt dat er ook fraude plaatsvond: handelaars die lege mummies verkochten aan onwetende pelgrims.
Naast katten werden ook andere dieren gemummificeerd en geofferd, zoals ibissen (voor Thoth), krokodillen (voor Sobek) en rammen (voor Amon). De kat was echter veruit het meest gemummificeerde dier in Egypte.
Overzicht: de heilige status van de kat door de Egyptische geschiedenis
| Periode | Tijdvak | Status van de kat | Bijzonderheden |
|---|---|---|---|
| Voorhistorisch | circa 3800-3000 v.Chr. | Nuttige jager, geduld | Graven met katten bij Hierakonpolis |
| Vroeg-dynastiek | circa 3150-2686 v.Chr. | Eerste goddelijke associatie | Godin Mafdet verschijnt in teksten |
| Middenrijk | 2055-1650 v.Chr. | Huisdier hogere klassen | Bastet krijgt kattengedaante |
| Nieuw Rijk | 1550-1070 v.Chr. | Beschermd, populair huisdier | Katten op grafschilderingen, doden verboden |
| Late Periode | 664-332 v.Chr. | Heilig, massaal geofferd | Bubasteion-necropool, miljoenen mummies |
| Ptolemaeëntijd | 332-30 v.Chr. | Cultusindustrie op hoogtepunt | Fokkerijen bij tempels, export verboden |
| Romeinse tijd | 30 v.Chr.-395 n.Chr. | Geleidelijk afnemend ritueel belang | Incident beschreven door Diodorus Siculus |
Drie bijzondere gevallen: de kat in oorlog, in de rechtbank en in het graf
De heilige status van de kat had soms verrassende praktische gevolgen. Drie concrete gevallen laten zien hoe diep die verering doordrong in het Egyptische leven.
De kat als wapen in oorlog. De Perzische veldheer Cambyses II zou tijdens de Slag bij Pelusium (525 v.Chr.) katten op zijn schilden hebben geschilderd of zelfs levende katten voor zijn troepen hebben meegedragen. De Egyptische soldaten weigerden te schieten uit angst de dieren te raken en verloren de veldslag. Dit verhaal is overgeleverd door de Griekse schrijver Polyaenus en is historisch omstreden, maar het toont aan hoe bekend de kattenverering buiten Egypte was en hoe vijanden daar gebruik van probeerden te maken.
De kat als juridische zaak. Het onbedoeld doden van een kat leidde tot een boete waarvan de hoogte door priesters werd bepaald. Priesters hadden dus directe economische macht over dit soort ongelukken. Hoe hoog die boetes waren, staat niet precies vast, maar ze moeten aanzienlijk zijn geweest. De priesters van Bastet deden zo dubbel zaken: ze verdienden aan de verkoop van kattenmummies aan pelgrims en aan boetes voor mensen die per ongeluk een kat doodden.
De kat in het dodenrijk. Katten werden soms samen met hun eigenaren begraven, voorzien van gemummificeerde muizen als voedsel voor de kat in het hiernamaals. Dit staat vermeld op enkele papyri. De gedachte was dat de kat haar baas ook na de dood zou beschermen, net zoals ze tijdens het leven slangen en knaagdieren verjagde. Het was bescherming voor eeuwig.
De Sfinx bij Gizeh is een ander voorbeeld van de krachtige dier-god-associaties in het oude Egypte. Lees meer over de sfinx in Egypte: geschiedenis en mysteries.
Waarom eindigde de kattenverering?
Met de opkomst van het christendom in Egypte in de eerste eeuwen na Christus verdwenen de heidense culten geleidelijk. De tempels van Bastet werden gesloten of omgebouwd tot kerken. Het Edict van Thessaloniki uit 380 n.Chr., waarbij het christendom staatsgodsdienst werd in het Romeinse Rijk, versnelde dit proces. Dierenworship was voor christenen afgoderij en werd actief bestreden.
De kat bleef wel een gewoon huisdier, in Egypte en elders. Vanuit Egypte verspreidden tamme katten zich naar het Midden-Oosten, Griekenland, Rome en uiteindelijk de rest van de wereld. Genetisch onderzoek toont aan dat vrijwel alle huiskatten ter wereld afstammen van de Afrikaanse wilde kat, dezelfde soort die de Egyptenaren grootbrachten. In die zin leven de Egyptische katten nog steeds bij ons thuis.
De verering zelf verdween, maar de bijzondere positie van de kat in de menselijke cultuur bleef. Van de Japanse maneki-neko tot de hedendaagse kattenvideo’s op internet: de mens houdt nog altijd meer van katten dan van vrijwel elk ander dier. Misschien hebben de Egyptenaren het goed gezien.
Vergelijkbare godenwerelden uit de oudheid zijn te vinden in de Griekse mythologie. Zo was ook Poseidon, de god van de zee, nauw verbonden met dierensymboliek en goddelijke krachten, net als Bastet in Egypte. En ook wat mythologie is en waarom het zo belangrijk is laat zien dat dieren in bijna alle oude religies een centrale rol speelden.
Veelgestelde vragen
Waren alle katten in het oude Egypte heilig of alleen bepaalde exemplaren?
In principe werden alle tamme katten als heilig beschouwd, niet alleen speciale exemplaren. Er waren geen selectiecriteria zoals kleur of ras die een kat meer of minder heilig maakten. Wel waren sommige katten die in tempels leefden en als de belichaming van Bastet werden gezien extra bijzonder. Die tempelkatten werden zeer verzorgd en na hun dood plechtig gemummificeerd. Maar ook de gewone huiskat van een gewone Egyptenaar genoot bescherming.
Hoe weten we dat het doden van een kat echt met de dood bestraft werd?
Dit weten we voornamelijk via buitenlandse bronnen, met name de Griekse en Latijnse schrijvers Herodotus, Diodorus Siculus en Polyaenus. Egyptische bronnen zelf zijn minder expliciet hierover. Het incident met de Romein die een kat doodde en door de menigte werd gelyncht, is beschreven door Diodorus Siculus. Moderne historici achten het aannemelijk dat er strenge straffen stonden op het doden van katten, maar de exacte juridische codes zijn niet volledig bewaard.
Hoeveel kattenmummies zijn er gevonden in Egypte?
Schattingen lopen op tot tientallen miljoenen, maar het exacte aantal is onbekend. Grote hoeveelheden zijn in de negentiende eeuw vernietigd, waaronder een beruchte lading van naar schatting 180.000 kattenmummies die vanuit Egypte naar Engeland werden verscheept en als meststof werden verkauft. De Bubasteion-necropool bij Saqqara en het Beni Hassan-complex zijn locaties waar massagraven met kattenmummies zijn ontdekt. CT-scans van bewaarde exemplaren hebben veel geleerd over hoe de dieren leefden en stierven.
Aten de Egyptenaren katten of gebruikten ze ze voor andere doeleinden?
Er zijn geen aanwijzingen dat katten als voedsel werden gegeten in het oude Egypte. Dat paste niet bij de heilige status van het dier. Katten werden gehouden als huisdier en als rattenbestrijder. Ze werden ook gebruikt voor de jacht: afbeeldingen tonen katten die watervogels opjaagden voor hun eigenaren in het riet. In die zin functioneerden ze soms als een soort jachthond. Dat multifunctionele gebruik maakte ze nog waardevoller.
Wat is het verband tussen Bastet en andere Egyptische goden?
Bastet was een dochter van Ra, de zonnegod, en daarmee deel van de centrale godenfamilie. Ze had ook relaties met Sekhmet, de leeuwengodin van oorlog en ziekte: beiden waren feline godinnen, maar Sekhmet stond voor destructie en Bastet voor bescherming. Bastet werd ook verbonden met Mut, de moedergodin, en met Hathor, de godin van liefde en schoonheid. In de loop van de eeuwen werden sommige van deze identiteiten samengetrokken of van elkaar onderscheiden, afhankelijk van de regio en de periode. Meer over dit soort mythologische verbanden lees je bij wie koning Midas was en wat zijn verhaal is: een ander verhaal over de grenzen van het menselijke en het goddelijke.
Zijn er ook katten teruggevonden buiten Egypte uit de oudheid?
Ja. Op Cyprus vonden archeologen een graf uit circa 7500 v.Chr. met een mens en een kat naast elkaar begraven, nog ouder dan de Egyptische vondsten. Dit wijst erop dat de domesticatie van de kat zich op meerdere plaatsen en mogelijk eerder dan Egypte begon. Maar Egypte was de cultuur die kattenverering het meest systematisch en opzichtigst uitwerkte, met goden, wetten, en miljoenen mummies als bewijs. Vanuit Egypte verspreidden tamme katten zich later over het Middellandse Zeegebied en de rest van de wereld.










