Wat zijn de spelregels van Camel Up? Complete uitleg

Amira Bosman

Geupdate op:

Wat zijn de spelregels van Camel Up? Ontdek ze hier!
Je leest dit artikel in 9 minuten

Laatst bijgewerkt: 26 januari 2026

Camel Up is een bordspel voor 2 tot 8 spelers waarbij je weddt op kamelen die een parcours aflopen. Het probleem dat veel nieuwe spelers ervaren: de spelregels lijken op het eerste gezicht eenvoudig, maar de stapelmechaniek zorgt voor verwarring. In dit artikel krijg je per onderdeel duidelijke uitleg, zodat je na het lezen meteen kunt spelen.

Het spel won in 2014 de Spiel des Jahres, de meest prestigieuze bordspelprijs ter wereld. Geen toeval: Camel Up combineert toegankelijke regels met genoeg diepgang om ook ervaren spelers te boeien. De tweede editie (2018) verfijnde een aantal details en voegde twee extra kamelen toe, maar de kern bleef hetzelfde.

Het probleem: waarom raken spelers in de war bij Camel Up?

De verwarring bij Camel Up heeft bijna altijd dezelfde oorzaak: spelers begrijpen niet hoe stapelen werkt en wat het betekent voor de volgorde van de kamelen. Een kameel die bovenop een andere staat, sleept die onderste kameel mee als hij verder beweegt. Dat klinkt eenvoudig, maar in de praktijk zie je stapels van drie of vier kamelen die in één klap van positie wisselen.

Een tweede struikelpunt is het verschil tussen een etappegok en een racevoorspelling. Veel spelers gooien die twee door elkaar, waardoor ze verkeerd wedden en onnodig munten verliezen. En dan is er nog de piramide: hoe werkt die precies, en wat doe je met dobbelstenen die al uit de piramide zijn gekomen?

Hieronder los je al die knelpunten stap voor stap op.

De oorzaak van stapelverwarring: zo werkt het kamelen-stapelen

Camel Up speelt zich af op een parcours van 16 velden. Vijf kamelen (in de tweede editie zeven, inclusief twee witte “gek-kamelen”) starten op dat parcours. Zodra twee kamelen op hetzelfde veld belanden, stapelen ze op elkaar. De kameel die er als laatste op springt, staat bovenaan.

Nu het cruciale punt: als een kameel beweegt, neemt hij alles wat boven hem staat mee. Maar wat onder hem staat, blijft staan. Stel dat de oranje kameel onderaan staat, de gele kameel staat op oranje, en de groene staat bovenop geel. Beweegt oranje twee velden vooruit? Dan verhuist de hele stapel: oranje, geel en groen samen. Beweegt geel? Dan gaan geel en groen mee, maar oranje blijft achter.

Dit mechanisme is de sleutel tot het spel. Het betekent dat een kameel die achteraan loopt ineens de leider kan worden als hij een grote stapel meesleurt. Houd altijd in de gaten wie boven wie staat.

In de tweede editie rijden de twee witte kamelen achterwaarts over het parcours. Dat voegt een extra dimensie toe, want een witte kameel die op een gekleurde kameel belandt, duwt die gekleurde kameel feitelijk naar achteren. Speel je met kinderen of beginners? Begin dan met de eerste editie (vijf kamelen, geen witgekke varianten).

De oplossing: een beurt stap voor stap uitgelegd

Elke speler doet in zijn beurt precies een van de vier mogelijke acties. Je kiest er een, voert die uit en dan is de volgende speler aan de beurt.

  1. Dobbelsteen trekken uit de piramide: schud de piramide, druk op de hendel en laat een dobbelsteen vallen. De kleur van de dobbelsteen bepaalt welke kameel beweegt. Het getal (1, 2 of 3) bepaalt hoeveel velden. Na het bewegen leg je de dobbelsteen naast het bord, zodat iedereen weet welke kamelen die etappe al hebben bewogen. Voor het trekken ontvang je altijd 1 munt: dat is de vergoeding voor het “laten bewegen”.
  2. Een etappekaart nemen: elk van de vijf gekleurde kamelen heeft een stapel etappekaarten. De bovenste kaart levert de meeste munten op (5), de tweede levert 3, de derde levert 2. Neem je een etappekaart voor de oranje kameel? Dan wacht je tot het einde van de etappe. Staat oranje dan vooraan? Je krijgt de munten op de kaart. Staat oranje tweede? Je krijgt 1 munt. Staat oranje op een andere positie? Je verliest 1 munt.
  3. Een racekaart spelen voor winnaar of verliezer: elke speler heeft bij het begin van het spel vijf kaarten, een per kleur kameel. Je legt een van die kaarten open of gesloten neer bij de “winnaar”- of “verliezer”-stapel. Open leggen is voor de kameel waarvan je denkt dat hij de hele race wint of verliest. Gesloten leggen betekent dat je later bekijkt of je goed zat.
  4. Een woestijntegel plaatsen: je hebt een persoonlijke tegel met twee kanten: een oasis (groen, plus 1 veld) en een spiegel (geel, min 1 veld). Leg je tegel op een leeg veld. Een kameel die erop landt, beweegt een veld extra vooruit (oasis) of een veld terug (spiegel). Jij verdient 1 munt elke keer dat een kameel op jouw tegel belandt. Je tegel mag niet direct naast of op een veld staan waar al een kameel staat.

Een etappe eindigt zodra alle vijf (of zeven in de tweede editie) dobbelstenen uit de piramide zijn gekomen. Alle etappekaarten worden dan afgerekend, de dobbelstenen gaan terug in de piramide en een nieuwe etappe begint.

Overzicht: alle beurtacties en hun muntenwaarde

Actie Wanneer verdien je? Munt(en) Risico
Dobbelsteen trekken Altijd, direct na de actie +1 Geen
Etappekaart (bovenste) Kameel staat 1e aan het eind van etappe +5 -1 bij 3e positie of lager
Etappekaart (tweede) Kameel staat 1e aan het eind van etappe +3 -1 bij 3e positie of lager
Etappekaart (derde of later) Kameel staat 1e aan het eind van etappe +2 -1 bij 3e positie of lager
Racekaart juist (1e gok) Kameel wint of verliest de hele race +5 -1 bij fout
Racekaart juist (2e gok) Kameel wint of verliest de hele race +3 -1 bij fout
Racekaart juist (later) Kameel wint of verliest de hele race +2 -1 bij fout
Woestijntegel (oasis of spiegel) Elke keer dat een kameel erop landt +1 per landing Geen direct risico

Drie concrete situaties waar spelers fouten maken

Om de regels echt te begrijpen helpt het om concrete gevallen langs te lopen. Hieronder drie situaties die in bijna elk potje voorkomen.

Situatie 1: kameel beweegt achterwaarts op een stapel. In de tweede editie rijden de witte en zwarte kameel achterwaarts. Beweegt een witte kameel naar veld 8 en staat daar al een gele kameel? Dan stapelt de witte kameel niet bovenop geel, maar eronder. De gele kameel (en alles boven geel) wordt daarna één veld teruggeplaatst omdat de witte ook terugrijdt. Dit is tegen de intuïtie in, maar zo staan de regels.

Situatie 2: je legt een woestijntegel en een kameel belandt erop met een grote stapel. Alle kamelen in de stapel landen op hetzelfde veld als waar de tegel ligt. Jij verdient maar 1 munt, ongeacht hoe groot de stapel is. De stapel als geheel beweegt dan door: de oasis geeft 1 extra stap vooruit, de spiegel 1 stap terug. Dat “extra stapje” geldt voor de hele stapel samen.

Situatie 3: twee etappekaarten voor dezelfde kameel. Het is toegestaan om meerdere etappekaarten voor dezelfde kameel te hebben, van verschillende etappes of in dezelfde etappe als je er vroeg bij was. Aan het einde van elke etappe rekent iedereen af. Heb je de etappekaart voor 5 munten en de kaart voor 3 munten van dezelfde kameel? Dan tel je ze apart op als die kameel wint. Verliest de kameel? Dan verlies je tweemaal 1 munt.

Het einde van de race en de puntentelling

De race eindigt zodra een kameel het 16e veld bereikt of eroverheen gaat. Dat kan midden in een etappe gebeuren. De lopende etappe wordt dan direct beeindigd, alle etappekaarten worden afgerekend en daarna volgt de grote afrekening van de racekaarten.

De kameel die op dat moment het verst staat (of als eerste het doel bereikte) is de winnaar van de race. De kameel die het verst achteraan staat, is de verliezer. Let op: het gaat om de positie van de kameel op het bord, niet om wie als laatste bewoog. Een kameel die door een woestijntegel een veld terugging, telt vanaf zijn nieuwe positie.

Voor de racekaarten geldt: hoe eerder je de juiste gok legde, hoe meer je verdient. De eerste speler die de winnende kameel correct aanwees, krijgt 5 munten. De tweede speler 3 munten. Alle volgende correcte gokkers krijgen 2 munten. Een foute gok levert altijd -1 munt op, ongeacht wanneer je de kaart legde.

Na de afrekening telt iedereen zijn munten. Wie de meeste munten heeft, wint het spel. Bij gelijke stand wint de speler die het verst links zit van degene die als laatste de piramide schudde. Dat is zelden nodig, want in de praktijk ontstaan bijna nooit gelijke standen.

Ben je nieuwsgierig hoe andere strategische bordspellen in elkaar zitten? Bij Carcassonne gaat het ook om slim plaatsen en gokken, maar dan met tegels en volgelingen op een groeiend landschap.

Varianten en editieverschillen: eerste versus tweede editie

De eerste editie van Camel Up (2014) bevat vijf gekleurde kamelen (oranje, geel, groen, blauw, wit) en een piramide. Het spel werkt voor 2 tot 8 spelers en duurt gemiddeld 30-45 minuten.

De tweede editie (2018, uitgegeven door Eggertspiele en in Nederland via 999 Games) voegt twee “zwart-witte” kamelen toe die achterwaarts over het parcours rijden. Dat maakt het spel chaotischer en langer: een potje duurt gemiddeld 45-60 minuten. De woestijntegel heeft in de tweede editie ook twee kanten, zodat je zelf kiest of je een oasis of een spiegel legt. In de eerste editie had je een vaste tegel.

Er bestaat ook een uitbreiding genaamd Camel Up: Supercup, die extra spelonderdelen toevoegt zoals sponsorkaarten en een tweede parcours. Voor beginners is die uitbreiding niet nodig. Leer eerst de basisversie goed kennen.

Hou je van spellen waarbij je probeert als eerste een doel te raken? Dan is Cluedo een klassieker die op een vergelijkbare manier punten geeft voor correcte gokken, maar dan met een detectiveverhaal als thema.

Speel je liever iets dat minder afhankelijk is van kans? Bij dammen is er geen dobbelsteen aan te pas: alle uitkomsten liggen in jouw eigen zetten.

Strategie: hoe win je vaker bij Camel Up?

Camel Up heeft een gelukselement (de piramide), maar er is zeker ruimte voor strategie. Een paar tips die het verschil maken:

Waak over je woestijntegel. Een spiegel op een druk bezet veld kan meerdere kamelen een stap terugzetten. Dat levert telkens 1 munt op en verandert tegelijkertijd de volgorde. Leg je spiegel vlak achter een cluster kamelen die waarschijnlijk naar achteren worden gestuurd door een witte kameel: dan maak je kans op meerdere landings in een etappe.

Pak vroeg etappekaarten voor de leider. De 5-muntenkaart is veel waard, maar alleen als je vroeg ziet wie aan kop zal liggen. Wacht je te lang, dan is de 5-kaart weg en rest je slechts 3 of 2. Kijk altijd hoeveel dobbelstenen nog in de piramide zitten: zijn er nog maar twee over, dan is de etappe bijna voorbij en is de uitkomst redelijk voorspelbaar.

Spaar je racekaarten voor de juiste kameel. Je hebt maar vijf kaarten (een per kleur). Gooi ze niet vroeg weg op een kameel die toevallig even voorop loopt. De echte leider wordt pas duidelijk in de laatste etappes. Lig je zelf voor op munten? Dan loont het om dan pas een racekaart te spelen, want zelfs 2 munten bij een correcte gok is pure winst.

Dobbelstenen trekken is nooit verkeerd. 1 munt zonder risico lijkt weinig, maar over een heel spel telt dat op. Als je geen goede gok kunt maken of geen tegel wilt verplaatsen, trek dan een dobbelsteen. Je verdient altijd iets en je verplaatst een kameel, wat de situatie voor jou of anderen verandert.

Vergelijk dit met de aanpak bij 30 Seconds: ook daar win je door consistent punten te verzamelen en niet alles op een kaart te zetten.

Wil je ook andere bordspellen met een gokcomponent leren? Kijk dan eens naar de uitleg van Hotel, waarbij je ook risico’s neemt en investeert in de hoop dat anderen jouw kant kiezen.

Veelgestelde vragen

Hoeveel spelers kan Camel Up aan?

Camel Up werkt met 2 tot 8 spelers. Met meer spelers wordt het spel levendiger omdat er meer gokkers zijn en de kaarten sneller opraken. Met 2 of 3 spelers is het spel iets rustiger, maar nog steeds goed speelbaar. De speelduur is 30 tot 60 minuten afhankelijk van het aantal spelers en de editie. Het spel is geschikt vanaf een jaar of 8, al kunnen jongere kinderen met hulp ook meedoen.

Wat gebeurt er als een kameel voorbij het finish-veld gaat?

Als een kameel het 16e veld overschrijdt (dus op veld 17 of verder zou terechtkomen), eindigt de race direct op het moment van die beweging. De kameel hoeft niet precies op het 16e veld te stoppen. De race eindigt, de etappe wordt afgerekend en daarna volgt de eindafrekening van alle racekaarten. De positie van alle kamelen op dat moment bepaalt wie winnaar en verliezer is.

Mag je meerdere etappekaarten voor dezelfde kameel hebben?

Ja, dat mag. Je kunt meerdere etappekaarten voor dezelfde kameel verzamelen, ook in dezelfde etappe als je er snel bij was. Aan het einde van elke etappe reken je ze allemaal apart af. Heeft die kameel gewonnen? Dan ontvang je de munten op elke kaart afzonderlijk. Heeft die kameel verloren (positie 3 of lager)? Dan verlies je voor elke kaart 1 munt. Dat risico stapelt zich op.

Hoe werken de witte kamelen in de tweede editie precies?

In de tweede editie zijn er twee extra kamelen (zwart en wit) die achterwaarts over het parcours rijden. Ze starten aan het einde van het parcours en bewegen richting het begin. Als zo’n kameel op een veld belandt waar al andere kamelen staan, schuift hij onder de bestaande stapel. De al aanwezige kamelen worden dan door hem meegesleurd als hij verder naar achteren beweegt. Dit maakt de volgorde van kamelen nog grilliger dan in de eerste editie.

Wat is het verschil tussen een etappegok en een racegok?

Een etappegok (via etappekaarten) voorspelt wie na de huidige etappe vooraan staat. Zo’n etappe duurt totdat alle dobbelstenen uit de piramide zijn geweest. Een racegok (via de vijf persoonlijke kleurkaarten) voorspelt wie de hele race wint of verliest, dus helemaal aan het einde van het spel. Etappegokken zijn korte termijn en relatief veilig. Racegokken zijn riskanter maar leveren meer op als je er vroeg goed bij zit.

Wat doe je met je woestijntegel als er al een andere tegel naast staat?

Je woestijntegel mag niet op een veld worden gelegd dat direct naast een andere woestijntegel staat, en ook niet op een veld waar al een kameel staat. Als je tegel al op het bord ligt en je wilt hem verplaatsen, neem je hem op en legt hem opnieuw neer op een geldig veld. Die verplaatsing is je beurtactie voor die ronde. Je tegel mag ook niet op het startgebied (veld 0 of het bijbehorende gedeelte) worden geplaatst.

VL
Redactie Veel.nlOnze redactie schrijft informatieve artikelen over uiteenlopende onderwerpen.

Geef een reactie