Welke landen vochten tegen Egypte in de Suez-crisis 1956?

Ravi de Groot

Geupdate op:

Welke landen vochten tegen Egypte in de Suez-crisis 1956?
Je leest dit artikel in 8 minuten

Laatst bijgewerkt: 29 maart 2026

Drie landen vochten militair tegen Egypte in de Suez-crisis van 1956: Israël, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk. Ze coördineerden hun aanval in het geheim via het Protocol van Sèvres, gesloten op 24 oktober 1956. Ondanks militaire overwinningen moesten alle drie zich terugtrekken na zware diplomatieke druk van de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie. De Suez-crisis is een van de meest ingrijpende conflicten van de twintigste eeuw.

De aanleiding: Nasser nationaliseert het Suezkanaal

Op 26 juli 1956 kondigde de Egyptische president Gamal Abdel Nasser de nationalisatie aan van het Suezkanaal. Tot dan toe werd het kanaal beheerd door de Suez Canal Company, een onderneming met overwegend Brits en Frans kapitaal. Het kanaal was meer dan een waterweg: het was de slagader van de internationale scheepvaart, en voor Groot-Brittannië een cruciale route voor de olie-aanvoer uit het Midden-Oosten.

Nasser had aanvankelijk geprobeerd financiering te krijgen voor de bouw van de Assoeandammen van zowel het Westen als de Sovjet-Unie. Toen de VS en het VK hun aanbod introkken, greep hij naar de kanaalinkomsten als alternatieve financieringsbron. De nationalisatie was juridisch omstreden maar niet uniek voor die tijd: Nasser bood aandeelhouders een eerlijke schadeloosstelling aan.

In Londen en Parijs sloeg het nieuws in als een bom. De Britse premier Anthony Eden vergeleek Nasser openlijk met Hitler en Mussolini. De Fransen waren bovendien woedend omdat Egypte de Algerijnse vrijheidsbeweging steunde. Voor Israël gold een andere reden: Egypte had de Straat van Tiran gesloten voor Israëlische schepen, en Egyptische guerrillastrijders voerden aanvallen uit vanuit de Sinaï. Een militaire samenwerking lag al snel op tafel.

Het Protocol van Sèvres: de geheime overeenkomst

Van 22 tot 24 oktober 1956 kwamen vertegenwoordigers van Israël, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk bijeen in de Parijse buitenwijk Sèvres. Wat zij daar overeenkwamen, werd decennialang geheim gehouden. Het zogenoemde Protocol van Sèvres was een gedetailleerd militair plan in drie stappen:

  • Stap 1: Israël valt Egypte aan via de Sinaïwoestijn, richting het Suezkanaal (voorzien voor 29 oktober 1956).
  • Stap 2: Groot-Brittannië en Frankrijk stellen beide partijen een ultimatum: ze moeten hun troepen terugtrekken tot tien mijl aan weerszijden van het kanaal. Israël kan dit accepteren omdat het nog niet zo ver is opgerukt; Egypte zal het weigeren.
  • Stap 3: Na de Egyptische weigering vallen Britse en Franse troepen in vanaf 31 oktober 1956, officieel om het kanaal te beschermen.

De constructie was doorzichtig bedoeld als diplomatieke dekmantel. De VS wisten van niets, de NAVO-bondgenoten evenmin, en zelfs de meeste Britse kabinetsleden waren buiten de lus gehouden. De toenmalige Amerikaanse president Dwight Eisenhower was des duivels toen het plan uitkwam. De echte tekst van het protocol werd pas in 1996 openbaar gemaakt door de Britse historicus Keith Kyle.

De drie aanvallende landen: wie deed wat?

Elke deelnemer had zijn eigen motieven en militaire rol in het conflict. Ze verschilden ook sterk in hun uitvoering en in de gevolgen die ze daarna ondervonden.

Israël: Operatie Kadesh

Israël opende de aanval op 29 oktober 1956 met Operatie Kadesh. Israëlische parachutisten, onder leiding van kolonel Ariel Sharon (later premier), landden bij de Mitla-pas in de Sinaïwoestijn. In vijf dagen veroverden Israëlische troepen nagenoeg het gehele Sinaïschiereiland. De doelen waren helder: de Straat van Tiran openstellen voor Israëlische scheepvaart, de Egyptische militaire infrastructuur in de Sinaï vernietigen, en de raketaanvallen vanuit de Gazastrook stopzetten. Israël leed 189 doden; de Egyptische verliezen in de Sinaï worden geschat op 1.000 tot 3.000 doden.

Groot-Brittannië: Operatie Musketeer

De Britse luchtmacht begon op 31 oktober met bombardementen op Egyptische vliegvelden. Op de nacht van 5 op 6 november landden Britse parachutisten bij Port Said, gevolgd door amfibische landingstroepen. De operatie heette Musketeer en moest het Britse gezag over het kanaal herstellen. De Britse minister van Buitenlandse Zaken Selwyn Lloyd verdedigde de inval als een noodmaatregel om een bredere oorlog te voorkomen. Dat klonk ongeloofwaardig. Groot-Brittannië verloor 16 soldaten en 96 gewonden.

Frankrijk: een eigen agenda

Frankrijk had naast het kanaalbelang nog een andere reden: Nasser steunde de Algerijnse FLN, die in 1956 een bloedige guerrillaoorlog voerde tegen het Franse koloniale bestuur. Parijs zag de uitschakeling van Nasser als een manier om de Algerijnse opstand te ondergraven. De Franse troepen opereerden samen met de Britten bij Port Said. Frankrijk verloor 10 doden in het conflict.

Overzichtstabel: de drie aanvallende landen vergeleken

Land Operatienaam Startdatum Voornaamste doelstelling Militaire verliezen Gevolg
Israël Operatie Kadesh 29 oktober 1956 Sinaï veroveren, Tiran openstellen 189 doden Terugtrekking maart 1957
Groot-Brittannië Operatie Musketeer 31 oktober 1956 (lucht), 5 nov. (grond) Kanaal heroveren, Nasser onder druk zetten 16 doden, 96 gewonden Terugtrekking december 1956
Frankrijk Operatie Musketeer 31 oktober 1956 (lucht), 5 nov. (grond) Kanaal heroveren, Algerijnse steun Nasser stoppen 10 doden Terugtrekking december 1956
Egypte (verdediger) 29 oktober 1956 Soevereiniteit verdedigen ca. 1.650 tot 3.650 doden Politieke overwinning, kanaal behouden

De rol van de VS en de Sovjet-Unie: diplomatieke breuk

De echte overwinnaars van de Suez-crisis waren de twee supermachten. President Eisenhower was woedend. Niet alleen omdat zijn bondgenoten hem hadden gepasseerd, maar ook omdat de aanval samenviel met de Hongaarse opstand: terwijl de Sovjet-Unie Hongarije neersloeg, had het Westen moreel gezag nodig. Een Anglo-Frans-Israëlische collusie om Egypte aan te vallen, gaf de Sovjet-Unie de perfecte dekmantel.

De VS oefenden extreme economische druk uit op Groot-Brittannië. Het Britse pond stond op het punt te bezwijken, en Washington weigerde financiële steun tenzij Londen zich terugtrok. De druk werkte. Premier Eden capituleerde op 7 november 1956, slechts twee dagen na de landing bij Port Said. Hij trad in januari 1957 af, officieel vanwege gezondheidsredenen.

De Sovjet-Unie dreigde ondertussen met raketaanvallen op Londen en Parijs. Premier Nikolaj Boelganin stuurde dreigbrieven aan de drie agressoren. Of het werkelijk gemeend was, bleef onduidelijk, maar de psychologische impact was groot. De Britten en Fransen hadden plotseling te maken met druk van zowel de VS als de Sovjet-Unie: een buitengewoon oncomfortabele positie.

De VN stuurden een vredesmacht (UNEF) naar de Sinaï, de eerste echte VN-vredesoperatie ooit. Canada speelde een sleutelrol in de oprichting ervan, via minister van Buitenlandse Zaken Lester Pearson, die er de Nobelprijs voor de Vrede 1957 voor ontving. Voor de context van de Eerste en Tweede Wereldoorlog was dit een fundamenteel nieuwe benadering van internationale veiligheid.

De militaire strijd: hoe verliepen de gevechten?

De Sinaï-campagne van Israël was militair een succes van de eerste orde. In vijf dagen tijd, van 29 oktober tot 5 november, veroverden Israëlische pantserdivisies en parachutisten nagenoeg het hele Sinaïschiereiland. De Egyptische 3e Infanteriedivisie en de Palestijnse 8e Divisie (samen goed voor ongeveer 30.000 man) werden verslagen of teruggedrongen. De verovering van de Mitla-pas en de havenplaats Sharm el-Sheikh aan de Straat van Tiran was militair gezien een schoolvoorbeeld van gecombineerde operaties.

De Anglo-Franse campagne was militair minder vlot. De bombardementen van 31 oktober op Egyptische vliegvelden vernietigden honderden vliegtuigen op de grond, maar de landing bij Port Said op 5 november stuitte op meer weerstand dan verwacht. Het historische Port Said, aan de Middellandse Zee, veranderde in een strijdtoneel. De stad werd na zware gevechten ingenomen, maar de opmars richting het kanaal moest al snel staken vanwege de internationale druk.

Egypte verloor de militaire slag maar won de politieke strijd. Nassers prestige in de Arabische wereld steeg enorm. Hij wist zich neer te zetten als de man die het Westen had getrotseerd. De geschiedenis van Egypte kende al eeuwenlange momenten van buitenlandse bezetting: de Suez-crisis werd in Egypte beleefd als een definitieve breuk met het koloniale verleden.

Gevolgen voor de betrokken landen: wie won, wie verloor?

De naoorlogse gevolgen verschilden sterk per land. De balans is genuanceerder dan een simpele overwinning of nederlaag.

Groot-Brittannië: einde van het imperiale tijdperk

Voor Londen was de Suez-crisis een trauma. Het VK had getoond afhankelijk te zijn van Amerikaans goedvinden, zowel politiek als economisch. Anthony Eden trad in januari 1957 af, volledig gebroken. Suez versnelde het einde van het Britse Rijk: de rest van de koloniale bezittingen in Afrika en Azië werd in rap tempo onafhankelijk. De crisis bewees dat Groot-Brittannië geen mondiale supermacht meer was.

Frankrijk: lessen voor de onafhankelijkheid

Parijs trok een andere les: het vertrouwen op de NAVO en de VS was onbetrouwbaar gebleken. De Suez-crisis versterkte de overtuiging van generaal De Gaulle, die in 1958 aan de macht kwam, dat Frankrijk een onafhankelijke koers moest varen in defensie en buitenlandse politiek. De ontwikkeling van de eigen nucleaire afschrikking (de force de frappe) werd mede ingegeven door de vernedering van 1956.

Israël: veiligheidswinst op termijn

Israël moest de Sinaï in maart 1957 teruggeven, maar behaalde een belangrijk resultaat: de Straat van Tiran bleef open voor Israëlische scheepvaart, bewaakt door VN-troepen. Dit was tien jaar later een directe aanleiding voor de Zesdaagse Oorlog van 1967, toen Nasser de VN-troepen wegstuurde en de straat opnieuw blokkeerde. De relatie tussen Egypte en Israël bleef gespannen tot het vredesverdrag van Camp David in 1979.

Egypte: politieke overwinning en nasleep

Nasser verwierf een mythische status. Het Suezkanaal bleef in Egyptische handen en functioneert tot op de dag van vandaag als een van de drukste scheepvaartroutes ter wereld. Elk jaar passeren zo’n 19.000 schepen het kanaal, goed voor circa 12 procent van het mondiale handelsvolume. De kanaalinkomsten zijn nog altijd een belangrijke inkomstenbron voor Egypte.

De historische betekenis van de Suez-crisis

De Suez-crisis van 1956 is een scharnierpunt in de wereldgeschiedenis. Het conflict markeerde het definitieve einde van de Europese koloniale machtspositie en het begin van een nieuwe wereldorde, gedomineerd door de twee supermachten. De VS en de Sovjet-Unie bleken in staat een oorlog van hun eigen bondgenoten te stoppen, puur via diplomatieke en economische druk.

De crisis creëerde ook een precedent voor VN-vredesoperaties. De UNEF (United Nations Emergency Force) was de eerste blauwhelmmissie in de geschiedenis. Ze bezette de demarcatielinie tussen Israël en Egypte tot 1967. Dit model werd sindsdien tientallen keren hergebruikt, van Cyprus tot Congo. Lester Pearson, die het idee uitwerkte, wordt nog altijd gezien als een van de grondleggers van de moderne VN-vredeshandhaving.

Er is ook een parallel met andere historische conflicten waarbij koloniale machten hun greep op een regio probeerden te handhaven. Net als bij de geallieerden in de Tweede Wereldoorlog bleek ook hier dat militaire slagkracht zonder internationale steun uiteindelijk onvoldoende is. Voor wie geïnteresseerd is in de rol van geheime overeenkomsten in de geschiedenis: vergelijk het Protocol van Sèvres gerust met andere verborgen diplomatieke akkoorden die pas decennia later openbaar werden.

De crisis toont ook hoe koloniale machtsstructuren in rap tempo konden instorten. De strijd over het Suezkanaal was in feite een strijd over wie de Arabische wereld zou beïnvloeden in de Koude Oorlog: het Westen of de Sovjet-Unie. Nasser koos voor zijn eigen route, en zijn overwinning inspireerde nationalistische leiders van Marokko tot Indonesië. De vraag wie eigenlijk zou winnen, de voormalige koloniale mogendheden of de nieuwe naties, werd in 1956 definitief beantwoord.

Voor wie de Egyptische geschiedenis wil begrijpen: de Suez-crisis staat niet op zichzelf. Ze bouwt voort op eeuwen van buitenlandse aanwezigheid, van de Grieken via de Arabieren tot de Britten. Het begrip van de faraonische erfenis en de monumenten zoals de Sfinx helpt begrijpen waarom soevereiniteit over de eigen bodem voor Egyptenaren zo zwaar weegt.

Veelgestelde vragen

Welke landen vochten precies mee tegen Egypte in 1956?

Drie landen vochten militair tegen Egypte: Israël, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk. Ze sloten het geheime Protocol van Sèvres op 24 oktober 1956. Israël viel als eerste aan op 29 oktober, waarna Britse en Franse troepen op 31 oktober bombardementen uitvoerden en op 5 november landingstroepen stuurden.

Waarom nationaliseerde Nasser het Suezkanaal?

Nasser nationaliseerde het kanaal op 26 juli 1956 nadat de VS en het VK hun financiering voor de bouw van de Assoeandammen hadden ingetrokken. Hij wilde de kanaalinkomsten gebruiken om de dam zelf te bekostigen. De stap had ook een sterk nationalistische betekenis: het kanaal moest van Egypte zijn, niet van buitenlandse aandeelhouders.

Wat was het Protocol van Sèvres?

Het Protocol van Sèvres was een geheim militair akkoord gesloten tussen Israël, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk op 22 tot 24 oktober 1956. Het beschreef hoe de drie landen gecoördineerd Egypte zouden aanvallen, waarbij Israël als eerste zou aanvallen zodat Engeland en Frankrijk daarna als “neutrale scheidsrechters” konden optreden. De echte tekst werd pas in 1996 openbaar.

Waarom moesten Groot-Brittannië en Frankrijk zich terugtrekken?

De Amerikaanse president Eisenhower weigerde het Britse pond te steunen op valutamarkten, waardoor een financiële crisis dreigde. Tegelijk dreigde de Sovjet-Unie met raketaanvallen. De VN eiste een staakt-het-vuren. Onder deze gecombineerde druk capituleerde Londen op 7 november 1956, slechts twee dagen na de landing. Parijs volgde kort daarna.

Wat was de rol van de VN in de Suez-crisis?

De VN stuurden hun eerste ooit vredesmacht naar de regio: de UNEF (United Nations Emergency Force). Het Canadese voorstel van minister Lester Pearson om een VN-buffer in te stellen, werd aanvaard. De vredesmacht bezette de grenszone tussen Egypte en Israël van 1956 tot 1967. Pearson ontving hiervoor de Nobelprijs voor de Vrede in 1957.

Wat zijn de langetermijngevolgen van de Suez-crisis?

De crisis versnelde het einde van de Britse en Franse koloniale machtspositie, leidde tot het aftreden van de Britse premier Eden, versterkte het Franse streven naar defensieve onafhankelijkheid van de NAVO, en maakte Nasser tot een icoon van het Arabisch nationalisme. De VN-vredeshandhaving als instrument van internationale politiek werd met deze crisis uitgevonden. De Straat van Tiran bleef een conflictpunt tot de Zesdaagse Oorlog van 1967.

VL
Redactie Veel.nlOnze redactie schrijft informatieve artikelen over uiteenlopende onderwerpen.

Geef een reactie